2x2 TIP
Knolselderij is lekker stevige winterkost. Zo’n grote knol telt flink mee aan je portie groenten, zeker als je het ook nog combineert met andere groenten als wortel of ui. Reken 300 g knolselderij per persoon voor 200 g op je bord.
Knolselderij is de stevige knol van de selderijplant met een diameter van zo'n 10 cm. De knol groeit voor een deel onder de grond en wijkt daarin af van zijn familieleden: de bladselderij en bleekselderij. De knol is bruingeel van kleur, het vruchtvlees is lichter en heeft een milde, kruidige smaak. Vooral de knol is belangrijk voor de teelt, maar je kunt ook de bladeren eten, bijvoorbeeld in de soep. Vaak wordt in het vroege voorjaar knolselderij met een toefje loof in de handel gebracht.
- stoven met blokjes winterwortel
- gekookt serveren met kerrie-, mosterd- of tomatensaus
- dunne reepjes in salade met walnoten, appel en een dressing van yoghurtmayonaise
- gekookt bestrooien met kaas en gratineren in de oven
- blokjes in groente-, tomaten- of erwtensoep
- gepureerd met aardappels, lekker bij wild
Let er op dat de knol stevig en droog is. Als er blad aan zit, dan moet dit frisgroen zijn.
Op een koele plaats is knolselderij zonder loof enkele weken houdbaar. Een aangesneden knol bewaar je in vershoudfolie in de koelkast.
Snij voor gebruik de knollen in plakken. Schil de plakken en snij ze in reepjes of blokjes.
Knolselderij is vooral in de herfst- en wintermaanden goed verkrijgbaar, de aanvoer is het minst in de lente. Over het algemeen is Hollandse knolselderij het hele jaar verkrijgbaar.
Kcal: 32
Vitamine C: 6 mg
Foliumzuur: 27 microgram
Ijzer: 1 mg
Vezel: 4,9 gram